Grooming
Grooming in de wet
Voorheen was grooming strafbaar gesteld in artikel 248e Wetboek van Strafrecht (Sr). Dit artikel is per 1 juli 2024 vervallen. De strafbaarstelling van grooming is nu opgenomen in artikel 251 Sr. Grooming valt onder het eerste lid, onderdeel c: het voorstellen van een ontmoeting voor seksuele doeleinden aan een kind beneden de zestien jaar (of iemand die zich voordoet als zodanig) en het ondernemen van enige handeling tot het verwezenlijken van die ontmoeting. De strafbedreiging is maximaal twee jaar gevangenisstraf of een geldboete van de vierde categorie. Het artikel is ruimer geformuleerd dan het oude artikel 248e Sr: het "ontuchtige oogmerk" is vervallen en "voor seksuele doeleinden" is nu voldoende. Ook is het niet langer vereist dat het voorstel via een communicatiedienst of geautomatiseerd werk wordt gedaan Artikel 251 Sr bevat drie onderdelen.- Sexchatting: degene die een kind beneden de leeftijd van zestien jaren of een persoon die zich voordoet als een kind beneden de leeftijd van zestien jaren indringend mondeling of schriftelijk seksueel benadert op een wijze die schadelijk te achten is voor kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren;
- Seksueel corrumperen: degene die een kind beneden de leeftijd van zestien jaren of een persoon die zich voordoet als een kind beneden de leeftijd van zestien jaren getuige doet zijn van een handeling of een visuele weergave van seksuele aard of met een onmiskenbaar seksuele strekking op een wijze die schadelijk te achten is voor kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren; of
- Grooming: degene die een kind beneden de leeftijd van zestien jaren of een persoon die zich voordoet als een kind beneden de leeftijd van zestien jaren een ontmoeting voorstelt voor seksuele doeleinden en enige handeling onderneemt tot het verwezenlijken van die ontmoeting,
- indien het feit wordt begaan jegens een kind van diegene, jegens een kind dat wordt verzorgd of opgevoed als behorend tot het gezin van diegene, jegens een kind waarover diegene het gezag uitoefent of jegens een anderszins aan de zorg, waakzaamheid of opleiding van diegene toevertrouwd kind of jegens een aan diegene ondergeschikt kind
- indien het feit wordt begaan jegens een kind in een bijzonder kwetsbare positie, waaronder in ieder geval wordt verstaan een bijzonder kwetsbare positie ten gevolge van een psychische stoornis dan wel verstandelijke of lichamelijke handicap, een situatie van afhankelijkheid of een staat van lichamelijke of geestelijke onmacht;
- .indien het feit wordt begaan met misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht, met gebruikmaking van giften of beloften van geld of goed of met misleiding;
- indien dat kind zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling.
Ontmoeting en sexchatting
Bij grooming staat de ontmoeting centraal. De strafbaarheid ontstaat pas wanneer de verdachte een voorstel tot een ontmoeting doet. Dat moet wel voldoende concreet zijn.Anders blijft vaak nog wel over het sexchatten.Lokpuber
-
De onder genoemde gedragingen zijn ook strafbaar gesteld ten aanzien van ‘iemand die zich voordoet als een persoon beneden de leeftijd van zestien jaren’. 'De daadwerkelijke betrokkenheid van een kind beneden de leeftijd van zestien jaar behoeft daarmee niet in alle gevallen te worden bewezen. Daarmee is de inzet van de figuur van de zogenaamde “lokpuber” (...) mogelijk'.' Hiermee is beoogd de inzet van een opsporingsambtenaar die zich online voordoet als een minderjarige, al dan niet in de vorm van een virtuele creatie van een minderjarige, mogelijk te maken'. In alle gevallen waarin een lokprofiel wordt ingezet geldt het uitlokkingsverbod (het Tallon-criterium). Dit houdt in dat de verdachte door het optreden van de opsporingsambtenaar niet mag worden gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet reeds van tevoren was gericht. Dit maakt dat de opsporingsambtenaar zeer voorzichtig te werk zal moeten gaan. De beslissing tot inzet van een lokprofiel in een concrete zaak alsmede de wijze waarop dit geschiedt is voorbehouden aan het OM. Het optreden van de opsporingsambtenaar is hier overigens gebaseerd op de algemene taakstellende bepalingen